Hoopvol voor mensen met pinda-allergie: POCT voor allergenen in etenswaren

Pinda-allergie behoort tot één van de ernstigste allergieën. Verschillende systemen in het lichaam worden aangetast en dat kan leiden tot een anafylactische reactie. Soms met de dood tot gevolg. Heftig dus, en enorm lastig, want pinda’s zijn in veel producten verwerkt. En talloze andere voedingsmiddelen kunnen ‘sporen van pinda’s’ bevatten. Hoe fijn zou het zijn het als mensen met een pinda-allergie over een sneltest kunnen beschikken waarmee ze zelf het voedsel kunnen testen. Het goede nieuws: zo’n sneltest is reeds ontwikkeld. Het slechte nieuws: het duurt nog geruime tijd voordat deze POCT daadwerkelijk op de markt komt.

De allergeen-zelftest voor pinda’s en hazelnoten is dus reeds ontwikkeld. En wel door onderzoeker Gina Ross, binnen het Europese Unie FoodSmartphone-project van de Wageningen Food Safety Research. Ze is er recent op gepromoveerd. Cum laude zelfs, ze heeft met haar ontwerp iedereen verrast met haar inzichten. Zelf is Ross daar bescheiden over. “Er waren echt wel momenten waarop ik me afvroeg of ik ooit goede resultaten zou bereiken”, erkent ze glimlachend.

Immunoassays

Ze is een wetenschapper in hart en nieren. “Wetenschap betekent out-of-the-box denken, dat maakt het zo leuk”, zegt ze enthousiast. En buiten gebaande wegen denken, deed ze in dit project, met tegelijk slim gebruik van bestaande kennis. Bijvoorbeeld over immunoassays, testen die gebruik  maken van antilichamen om bepaalde stoffen in een monster aan te tonen. “Die worden al volop gebruikt”, zegt Ross, doelend op de zwangerschapstests en recent de zelftests voor corona.

Haar zeer beknopte toelichting: “Consumenten kunnen als volgt eenvoudig testen of er sporen van pinda’s of hazelnoten in een product zitten. Neem van hetgeen je wilt eten een klein monster en stop dat in de test, de immunoassay dus. Wanneer er allergenen in het monster zitten, verschijnt er in zeer korte tijd een zwarte lijn op de teststrip. Een duidelijk waarschuwing om die etenswaren te laten staan.” Daar stopt haar ontwerp niet. Het is daarna mogelijk om de test met een 3D-geprinte houder te koppelen aan een smartphone, waardoor de testdetails af te lezen zijn. Zoals de hoeveelheid allergenen in het monster. Secuur als ze is heeft Ross een 3D-telefoonhoesje geprint, bedoeld om de hoeveelheid licht te controleren, zodat de metingen optimaal accuraat zijn. Hoe donkerder de lijn, hoe meer allergenen er in het monster zitten. Ter aanvulling merkt Ross op: “Verschijnt er geen lijn, dan kan degene met allergie het product veilig nuttigen. De zichtbare controlelijn toont aan dat de test goed is uitgevoerd. Want als je dat niet kan controleren, loop je natuurlijk alsnog risico.”

Draagbaar mini-lab

Kortom: de POCT van Ross is als het ware een draagbaar mini-lab. Opvallend: De test en de telefoonhouder heeft ze zelf ontworpen en samengesteld met behulp van computer aided design en een 3D-printer. De techniek van de test werkt, de test is betrouwbaar en eenvoudig in gebruik. Mensen met ernstige pinda- of notenallergie zouden deze ongetwijfeld graag willen inzetten. Ze moeten nu zó vaak afzien van het nuttigen van voedingswaren, vanwege een mogelijk risico. Degenen die ooit een anafylactische shock hebben gehad, zijn de rest van hun leven uiterst voorzichtig met wat ze eten. Daardoor moeten zij zich veel ontzeggen. Een POC-test die aantoont wat voor hen wel en wat niet veilig is, zal echt een uitkomst zijn.

Real-life onderzoek

Zover is het echter nog niet. “Voordat de test in productie kan worden genomen, is uitgebreid testen noodzakelijk bij een grote variatie aan etenswaren”, erkent Ross. “Het moet volstrekt duidelijk zijn welke antilichamen er wel en niet een rol spelen bij de detectie van allergenen, zodat je geen vals positieve uitslagen kunt krijgen.” Zij hoopt dat er op korte termijn een real-life onderzoek zal plaatsvinden. De kans daarop is zeker aanwezig, omdat haar werk binnen Horizon 2020 is aangemeld als key exploitable result. Dat is een programma van de Europese Commissie om wetenschap en innovatie te stimuleren in het bedrijfsleven en de academische wereld. Het feit dat een bedrijf zeker weet dat er geïnteresseerden zijn en dat de test tegen lage kosten te fabriceren is, is daarbij mogelijk eveneens een voordeel.

Van allergenen naar mycotoxines

Ross gaat intussen postdoc verder als onderzoeker bij het Organic Chemistry department in Wageningen Universiteit. “Opnieuw binnen het PhotonFood-project van de Europese Unie ga ik nu tests ontwikkelen om mycotoxines, zeg maar gifstoffen uit schimmels, te detecteren. Mycotoxines kunnen in tal van voedselproducten voorkomen, zoals granen. Deze tests zijn gebaseerd op labelvrije herkenning met behulp van draagbare infraroodspectroscopie. Zoals de sneltest voor allergeendetectie bedoeld is voor de consumenten zelf, is het ook de insteek dat boeren en voedselfabrikanten zelf deze tests kunnen gebruiken. Van opsporing van allergenen naar opsporing van mycotoxines: Gina Ross blijft zich inzetten voor verbetering van de voedselveiligheid met behulp van POCT.

Gerda van Beek

Meer lezen? Schrijf u in voor de tweewekelijkse POCT.nl nieuwsbrief!