Meteen naar de inhoud

Rogier Hopstaken: POCT-CRP van publicatie tot praktijk

Rogier Hopstaken – Jan Vonk Fotografie

Een kleine vijftien jaar geleden maakte huisarts Rogier Hopstaken zich hard voor de introductie van de point-of-care-test CRP in huisartsenpraktijken. Gebruik daarvan leidt tot minder antibioticaprescriptie, zo hadden zijn wetenschappelijke studies aangetoond. Indertijd moesten huisartsen wennen aan een technische test als aanvulling op hun eigen waarneming. Inmiddels is de inzet van een POCT CPR gemeengoed in nagenoeg alle huisartsenpraktijken en huisartsenposten in ons land. 

‘Nadat ik me had verdiept in de uitkomsten, vond ik dat het niet bij een publicatie mocht blijven, maar dat het daadwerkelijk in de praktijk zou worden gebruikt’, herinnert Hopstaken zich. ‘Daarom ben ik letterlijk het land in gegaan om artsen en zorgverzekeraars daarover te vertellen en heb ik me hard gemaakt om het in de richtlijnen te krijgen.’

Nederlands systeem als voorbeeld
Het is gelukt: van publicatie naar praktijk. Dat betekent niet dat Hopstaken tevreden achteroverleunt, integendeel. ‘Nederland is inmiddels een gidsland voor inzet van POCT CRP. Zeker gezien alle alarmerende rapporten over resistentieproblemen willen andere landen het antibioticagebruik eveneens terugdringen. Er is een Europese groep van onderzoekers ingesteld, waar ik ook lid van ben, om te kijken hoe we dit model elders kunnen inzetten. Dat is noodzakelijk; in talloze landen is het gebruikelijk om bij het minste hoestje al antibiotica te geven. Met behulp van een POC-test CRP kun je eenvoudig aantonen wanneer dat echt noodzakelijk is. Tegelijk is de invoering van deze point-of-care-test ingewikkeld, elk land heeft zijn eigen inrichting van de zorg.’ 

Hopstaken wijst erop dat huisartsen en laboratoria in ons land samen optrekken bij de POCT CRP. ‘Dat is echt uniek. Laboratoria investeren in de apparatuur, valideren deze en plaatsen deze vervolgens bij de huisartsenpraktijken. Zij geven de trainingen en zorgen voor de kwaliteitscontroles. Daarmee is de POCT CRP in feite een “gewone labtest”, maar dan buiten het laboratorium.’  Om dit goed te organiseren hebben professor Kusters (klinisch chemicus Jeroen Bosch Ziekenhuis) en Hopstaken de betrokken beroepsgroepen klinisch chemici, microbiologen en huisartsen bij elkaar weten te brengen. Gezamenlijk hebben zij een richtlijn over POCT in algemene zin ontwikkeld. Daarnaast is er nog de CRP-richtlijn in de NHG-standaard Acuut hoesten. 

‘Inmiddels wordt de POC-test CRP ook ingezet om minder ernstige van ernstige buikontstekingen te onderscheiden’, geeft Hopstaken aan. ‘Het is in feite een inflamation marker, dat wil zeggen: het meet heel gevoelig de ontstekingsactiviteit. Dat kan helpen om de juiste diagnose te kunnen stellen.’

Uitbreiding mogelijkheden en POCT
Met de voortschrijdende technologie is ook de inzet voor POCT inmiddels breder, zoals in verpleeghuizen en gevangenissen. Hopstaken vult aan: ‘Dat heeft ook te maken met de mogelijkheden van het goed organiseren van de randvoorwaarden door de laboratoria. De apparaten worden beter en goedkoper, en het is mogelijk om andere testen te verrichten die in die instellingen waardevol zijn.’

Er komen meer point-of-care-testen op de markt, stelt Hopstaken. ‘Zoals de high sensitive troponine-POCT bij een vermoeden van een hartinfarct. Of de D-dimeer, om longembolie te kunnen aantonen. Voor D-dimeer onderzoeken we welke apparaten geschikt zijn voor de huisartsenpraktijken. Zeer binnenkort worden de resultaten daarvan verwacht.’ Tegelijk gaan de ontwikkelingen toch minder snel dan hij zou willen. Mild glimlachend: ‘Maar dat geldt voor veel zorginnovaties. Kijk naar de digitalisering’, geeft hij als voorbeeld. ‘Wat er wel -mede door COVID- is ontstaan, is ziekenhuisverplaatste zorg, met thuismonitoring en betere mogelijkheid tot zelfmanagement voor mensen met een chronische aandoening. Plus daarnaast enkele apps voor de iPhone, zoals een stappenteller of een hartslagmeter. Maar daarbij gaat het nog te weinig om nieuwe, snelle diagnostische testen die de zorg voor patiënten direct verbeteren, terwijl daar enorm veel behoefte aan is, zoals bleek tijdens de corona-epidemie. Bij de beloftes van het bedrijf Theranos van Elizabeth Holmes leek er heel even een enorme doorbraak te komen en vroegen wij ons, en met ons tal van bedrijven, af wat we mogelijk over het hoofd hadden gezien. Maar al snel was voor insiders duidelijk dat die ultieme POC-test er vanuit die kant niet zou komen.’

POCT: snél de juiste informatie om samen te beslissen
Naar zijn overtuiging liggen er nu wel veel innovaties in het verschiet. ‘Van de micro– en nanofluidics, de lab-on-chip is al aangetoond dat je er, met lagere kosten, verschillende typen testen mee kunt doen. Daar wordt nu sterk op ingezet. Dat is een boeiend toekomstperspectief.’ Al die ontwikkelingen hebben uiteindelijk gevolgen voor de werkzaamheden van laboratoria, toch? ‘Klopt’, stelt Hopstaken vast. ‘Daar moeten ze zich echt op voorbereiden.’ Dat gebeurt zeker bij Star-shl, waar hij, naast huisarts, twee dagen per week in dienst is. ‘De wereld van de diagnostiek verandert en het is verstandig om mede de regie te voeren en kansen te benutten. Het gaat niet alleen om klinisch-chemische POCT, ook microbiologische diagnostiek buiten het laboratorium doet zijn intrede. Deze ontwikkelingen gaan dóór. De vraag is er en de mogelijkheden nemen toe.’ Met nadruk besluit Hopstaken: ‘Dat komt de zorg alleen maar ten goede. Want dat is de kern van POCT: snel beschikken over juiste gegevens, zodat je als professional samen met de patiënt kunt komen tot een gefundeerd besluit over de behandeling.’

Meer lezen? Schrijf u in voor de tweewekelijkse POCT.nl nieuwsbrief!

Mis nooit meer het belangrijkste POCT nieuws!

Elke twee weken in 10 minuten op de hoogte van het laatste nieuws en trends over Point-of-Care Testing.

Mis nooit meer het belangrijkste POCT nieuws!

Elke twee weken in 10 minuten op de hoogte van het laatste nieuws en trends over Point-of-Care Testing.