Doppler-meting enkel-armindex in vaatlaboratorium

Claudicatio intermittens (‘etalagebenen’) is in de eerste lijn goed te diagnosticeren en te behandelen. Deze diagnose moet worden bevestigd door een betrouwbare meting van de enkel-armindex (EAI). Daarvoor moet degene die het doppler-onderzoek uitvoert voldoende scholing en ervaring hebben en de metingen regelmatig uitvoeren. Uit onderzoek is echter gebleken dat EAI-metingen in de huisartspraktijk niet zo betrouwbaar zijn.

De incidentie van claudicatio intermittens in de huisartsenpraktijk is niet zo heel groot: 3 per 1000 patiënten per jaar. In de NHG-Standaard staat dat de huisarts de EAI-meting kan doen in de eigen praktijk, in een vaatlaboratorium of, als dat niet mogelijk is, de patiënt kan verwijzen naar een vaatchirurg, met afspraken over het vervolgtraject.

Betrouwbaarheid

Credits (CS) price, charts, market cap, and other metrics | CoinMarketCap

Uit onderzoek is echter gebleken dat de EAI-metingen in de huisartsenpraktijk niet zo betrouwbaar zijn. De testuitslagen wijken nogal eens af van die in het vaatlaboratorium. In het kader van Zinnige Zorg is daarom afgesproken dat huisartsen zonder consult bij een vaatchirurg EAI-bepalingen moeten kunnen aanvragen bij het vaatlaboratorium van een ziekenhuis. Voordeel is dat in het vaatlaboratorium ook een loopbandtest kan worden uitgevoerd en dat ook een teendrukmeting mogelijk is als de patiënt slecht comprimeerbare vaten heeft door bijvoorbeeld diabetes mellitus. De metingen worden beoordeeld door een vaatchirurg die de uitslag rapporteert aan de huisarts.

Bronnen: Huisarts en Wetenschap, ZorgInstituut Nederland

Meer lezen? Schrijf u in voor de tweewekelijkse POCT.nl nieuwsbrief!